Categorie archief: Reisverhalen

De Colombiaanse Carribean en de Siërra Nevada

Cartagena, waar we aankwamen vanuit Panama, ligt aan de Caribische kust van Colombia. Vroeger was dit een heel belangrijke havenstad voor de Spanjaarden. De oude stad doet dan ook erg Spaans aan en was leuk om een dagje in rond te lopen. Wat me meteen opviel is dat ze in Colombia op straat het lekkerste fruit verkopen (ananas, meloen, mango en andere tropische vruchten), in tegenstelling tot Centraal Amerika waar je blij moet zijn met pollo frito en papas (gefrituurde kip en frietjes). Een veel betere optie dus! In de oude stad zijn we naar het martel museum en het goud museum geweest, even wat cultuur snuiven na die vele stranddagen. Inmiddels dus een beetje wijzer geworden over de geschiedenis van dit gedeelte van Colombia. Het opvallendste vond ik dat ze in Cartagena op 11-11 Carnaval vieren, maar hier om een heel andere reden dan dat 11 het gekkengetal is. Op deze datum zijn ze namelijk bevrijd. Dit kan geen toeval zijn toch?!

Verder hebben we de laatste avond daar een goed afscheidsfeestje gehouden met alle mensen van de boot. Dat resulteerde in een beroerde reisdag naar Santa Marta; met een kater in de gloeiendhete zon en zware backpack op je rug naar het busstation. Daar bleek ook meteen dat de afstanden hier andere koek zijn dan in centraal Amerika. Cartagena en Santa Marta lijken op de kaart dicht bij elkaar te liggen maar kostte ons toch zon 4 a 5 u in de bus. Eenmaal in Santa Marta bleken alle hostels vol. We waren er al 5 afgelopen en nergens was ook maar één bedje vrij. Dat weekend was het laatste weekend van de Colombiaanse vakantie en blijkbaar is Santa Marta een populaire kustplaats om die vakantie door te brengen (en gaan Colombianen dus massaal in hostels zitten…). Het laatste hostel was gelukkig erg behulpzaam en had de laatste 2 bedden en 1 hangmat voor ons geregeld in een hostel iets verder uit het centrum (ik ben met twee Nederlandse meiden aan het reizen). Omdat ik een paar dagen later een vierdaagse trekking zou gaan doen waar we ook in hangmatten moesten slapen had ik me opgeofferd om daar dan maar vast aan te wennen. Mijn eerste nachtje in een hangmat dus en het lag lang niet verkeerd. De volgende dag hebben we gechilld aan het zwembad voordat we verder gingen naar Taganga; een kustplaatsje net buiten Santa Marta. Hier zouden Elyse en ik de dag erna opgehaald worden voor de Lost City trek. Die avond de beste pizza sinds tijden gegeten aan de super toeristische boulevard van Taganga. En toen vroeg naar bed want de komende dagen zouden zwaar worden…

De Lost City, ofwel Ciudad Perdida. In 400 na Christus gebouwd door de Tayronas (de oorspronkelijke bevolking) in de bergen van de Siërra Nevada. Door de Spanjaarden nooit ontdekt en pas in 1974 door archeologen ontdekt. Tot de dag van vandaag wonen er nog steeds Koghi, de afstammelingen van de Tayronas. De tocht naar deze stad kan je in 4, 5 of 6 dagen doen. Door verhalen als “het is daar zo benauwd dat je zo snel mogelijk die jungle weer uit wilt” hadden we voor de 4-daagse tocht gekozen. Een Australisch stel van de boot en een Nederlandse vriend van Elyse gingen ook mee. Om half 9 werden we bij ons hostel opgehaald en naar het kantoor van de organisatie gebracht. Daar bleek dat onze groep uit 19 mensen zou bestaan, met maar één gids. Na veel wachten werden we in jeeps naar El Mamey gebracht, een dorpje in de jungle vanwaar de tocht zou beginnen. Daar kregen we eerst nog een stevige lunch en toen moesten we er dan echt aan geloven. Ik was een beetje nerveus want had gehoord dat het wel echt een pittige tocht was, maar na heel veel luieren de afgelopen weken had ik ook wel zin in een sportieve uitdaging.

Goed, aan de wandel dus! Al na 5 minuten moesten we een rivier oversteken springend van steen naar steen. Een man van 70 die heel heldhaftig ook aan de toch begon haalde hier al een nat pak. Een paar honderd meter verder kwamen we al bij het eerste rustpunt, een ‘natural swimmingpool’. Ongeveer de hele tocht hebben we gelijkgelopen aan een rivier waardoor we gelukkig vaak even verfrissing konden halen door een duik in een van deze pools. So far so good dus, het ging nog allemaal van een leien dakje. Na de duik kwam de eerste berg, die we 1,5u later eindelijk beklommen hadden. Wat een helse tocht was dat! Mijn geluk was dat ik dacht dat ik bij de gids moest blijven omdat ik niet alleen achteraan wilde lopen en dus maar doorging en doorging, want toen we op de terugweg diezelfde berg afgedaalden zag ik pas hoe stijl en hoog die beklimming was geweest. Eenmaal boven was er heerlijk koude zoete watermeloen en een prachtig uitzicht. Vanaf daar was het nog zo’n 1,5u naar het kamp en dat bestond uit afdalen en klimmen, een stuk beter te doen dus. Net voor het donker kwamen we in het eerste kamp aan en tot onze verbazing stonden daar stapelbedden! Een snelle douche in de pool daar (douchen in een rivier is gelukkig echt 100x beter dan douchen in de zee weet ik inmiddels), een heerlijk avondmaal, nog even een potje kaarten en toen je bed in. De wekker stond om 5:00 de volgende ochtend.

Dag twee stond er een wandeltocht van 7u op het programma. Zodra het licht werd gingen we van start. De gids had ons gewaarschuwd dat er deze dag één hele pittige klim van 1,5u in zou zitten. Al een half uur na de start gingen we klimmen en het was echt doodvermoeiend in de hitte van die benauwde jungle. Eenmaal boven bleek dat dat nieteens de klim was die de gids bedoelde. De oude man en een ouder stel (die de hele dag bier aan het zuipen waren) lagen inmiddels zo ver achter dat zij op muilezels verder gingen. Wij kregen de lekkerste sinaasappels ooit en konden daarna weer verder. 2u later kwamen we bij het tweede kamp aan voor de lunch en natuurlijk weer een duik. Na de pauze kregen we de klim waar de gids ons voor gewaarschuwd had. Ik ben blij dat je hersens zo zijn geprogrammeerd dat pijn achteraf minder erg lijkt, anders had ik deze toch nooit af kunnen maken. Wéér anderhalf uur in de benauwde jungle met de zon op je kop en je rugzak voor vier dagen op je rug steil omhoog. Maar je hebt niet heel veel keus en uiteindelijk kom je dus toch weer aan de top. Weer een lekker fruithapje en helemaal afgepeigerd aan het laatste deel van die dag begonnen.

Die avond sliepen we in kamp drie, vanaf waar het nog maar een klein stukje naar de Lost City was. Maar uiteraard gingen we daar niet komen zonder nóg een beetje afzien; 1200 traptredes. Als een normale trap 13 treden heeft zijn dat dus bijna100 verdiepingen… Van de Lost City zelf had ik eigenlijk geen hele hoge verwachtingen maar wauw, het was alle moeite waard! Een verloren stad hoog in de bergen met prachtige uitzichten. Bijna 3u hebben we daar rondgelopen en ook nog met de huidige spirituele leider van de Koghis kunnen praten. De koghi zijn de laatste indigenous mensen die nog leven op de manier zoals ze dat altijd hebben gedaan. De spiritueel leider is priester, politiek leider, dokter en burgemeester ineen. Als er een nieuwe president in Colombia wordt gekozen gaat deze zich dan ook altijd voorstellen aan de spiritueel leider van de Koghis. Onderweg zijn we ook best wat koghi tegengekomen maar ze wilden niet dat we foto’s maakten omdat ze geloven dat dat de energie van de ziel aantast.

Doel bereikt dus, en die middag zijn we meteen aan de terugtocht begonnen. Nog even lunchen bij het laatste kamp en toen door naar kamp 2 voor de nacht. Denk je op de heenweg dat je alleen bergen beklommen hebt, op de terugweg kom je er achter hoeveel je afgedaald hebt want dat kun je weer lekker omhoog. Psychisch zat ik er wel vort lekker in (komt vast doordat we teruggingen), fysiek werd het steeds zwaarder. Vermoeid van slecht slapen, pijn in de knieën van het afdalen, blaren op je voeten en vol met muggebulten. Maar nog één nachtje in de jungle slapen dus en voor de volgende nacht hadden we een strandhostel geboekt! Die ochtend extra vroeg opgestaan want we moesten om 1u smiddags terug zijn (en het was 7u lopen). Ik wist dat er nog één hele steile klim ging komen dus toen die voorbij was ging het vlotjes. Ik hoorde het strand gewoon roepen. Ik heb wel 10x gedacht dat we er waren en telkens moesten we nog een stuk maar uiteindelijk uiteraard weer in El Mamey aangekomen. Koud biertje en een heerlijke lunch! Én voor 1u. Het was echt een hele gave tocht met geweldige uitzichten en prachtige natuur en een heel voldaan gevoel achteraf.

Die middag werden we bij Costeña surf hostel afgezet, aan het strand dus. In de middle of nowhere, nog steeds geen Wifi maar een heerlijke plek. Er werd voor iedereen gekookt dus we konden 3x per dag gewoon aanschuiven. Ik wilde nog gaan surfen maar uiteindelijk heb ik 2,5 dagen lang alleen maar in een hangmat gelegen. Bij aankomst al meteen in slaap gevallen op bed, 3u later naar bed gegaan en tot 9:30u sochtends geslapen, in de hangmat gaan liggen, rond half 10 weer naar bed, klokje rondslapen en weer in de hangmat. Ja ik kan wel zeggen dat ik goed uitgerust ben daar…

Nu ben ik in medellin, een hele grote mooie stad gelegen tussen de bergen, maar daarover later meer!



Mijn locatie .

Van Panama naar Colombia

Wat een avontuur! Dus wel een apart verhaal waard.

Zaterdagochtend tussen 5 en half 6 zou ik door een shuttle opgehaald worden die me naar het vertrekpunt van de boot zou brengen. Toen hij er om 6u nog niet was werd ik een beetje zenuwachtig maar ik was er al aan gewend in centraal amerika. Voor de zekerheid wel even gebeld of ze me niet waren vergeten maar nee ze waren onderweg. Om half 7 begon ik pissig te worden en dacht ik dat ze me misschien tóch waren vergeten. Ik zat inmiddels al 1,5u bepakt en bezakt te wachten. Nog maar eens bellen; er waren teveel mensen en te weinig busjes maar er was iemand onderweg, hij zou er over 5 minuten zijn. Kwart voor 7, 10 voor 7… Godverdomme! Ik had een boot te halen en dat was niet zomaar voor een dagtripje, maar voor een vijfdaagse oversteek naar zuid Amerika! Als ik hem zou missen moest ik waarschijnlijk een duur vliegticket gaan kopen. Maar weer bellen dus en om 7u kwam de shuttle dan toch voorrijden. Toen bleek dat de kapitein van mijn boot er ook inzat was ik pas gerustgesteld, ik zou de boot in ieder geval niet missen.

Zo’n 3u later kwamen we aan bij een riviertje vanaf waar een taxibootje de hele groep met wie ik de komende vijf dagen naar Colombia zou zeilen ons naar onze catamaran bracht. Dat bleek ook nog een hele tocht te zijn; zeiknat zetten we 1,5u later voet op de Nacar 2. De boot lag voor één van de vele san blas eilandjes en toen we allemaal geïnstalleerd waren gingen we dat bounty eilandje verkennen. Écht een paradijs! In verband met potentiële zeeziekte had ik een van de bedden op het dek geclaimd en de volgende ochtend werd ik dus echt midden in het paradijs wakker! Gelukkig werkte mijn tabletjes tegen ziek worden als een tierelier en kon ik optimaal genieten van deze unieke ervaring. Dag 2 zeilde we een stukje om aan te leggen midden tussen een stuk of 6 andere bounty eilandjes. Overdag zwemmen, snorkelen, zonnen, lezen en van t heerlijke eten genieten en savonds spelletjes doen, dansen op de boot of een kampvuur maken op een van de eilandjes. De kapitein gaf aan dat we waarschijnlijk een dag langer moesten blijven maar dat was op deze manier voor niemand een probleem! Maar een dag langer werden 2 dagen en op de derde dag zei de kapitein dat hij niet kon beloven wanneer we verder konden, de weersverwachtingen zagen er voorlopig slecht uit. We moesten een keuze maken; we konden die dinsdag terug naar Panama stad zodat er op woensdagavond de ferry naar Colombia konden pakken en er alsnog donderdag zouden zijn of we konden op de boot blijven en maar afwachten wanneer we de oversteek konden maken. Hoewel we midden in het paradijs zaten was het idee van misschien nog wel een week “douchen” in de zee, vieze toiletten en buiten slapen en dan waarschijnlijk nog een pittige overtocht niet heel aantrekkelijk dus besloten we met zijn allen terug te gaan en de ferry te nemen. Omdat de ferry veel groter is dan de catamaran kon die de oversteek wel zonder problemen maken.

Terug naar Panama stad dus; een taxi boot en shuttle bus later stonden we met zijn alle weer bij lunas castle, het hostel waar ik inmiddels voor de 3e keer terugkwam. Ze zaten vol en hetzelfde gold voor alle andere hostels in de stad dus boden ze aan dat we met zijn allen in de filmzaal konden slapen. Best gezellig, in met 7 man in een soort van minibioscoop met allemaal matrassen. De volgende ochtend vroeg op om ons van een plekje op de ferry te verzekeren en om 11u zaten we weer in de taxi naar het busstation. De ferry zou die avond om 7u vanuit Colon vertrekken en omdat we daar door de douane moesten, moesten we er om 3u zijn. Eenmaal aangekomen bleek dat de ferry in verband met noodweer vertraging had en uiteindelijk vertrokken we pas om 12u savonds. Zeeziektabletjes werken ook uitstekend als slaappillen en dus was iedereen direct onder zeil. Om een uur of 9 werden we wakker, aten wat, nog een tabletje en hop slapen maar. Die avond om 23u kwamen we dan eindelijk in Colombia aan! Nu zitten we met 9 mensen van de eerste boot op 1 kamer in een hostel, gezellig en een beetje het groepsreis gevoel. We hoorden net dat 1 van de boten die afgelopen maandag is vertrokken is gezonken! Er zaten 29 mensen op en die zijn allemaal gered, maar ik ben heel blij dat onze kapitein ons heeft teruggestuurd en ik nu heelhuids in Colombia ben.

 

Mijn locatie .

De route door Costa Rica en Panama

Costa Rica en Panama

Op 8 december kwamen Ellen en Myrna aan in Costa Rica en vanaf toen reisde ik dus 3 weken met hun. Ook een beetje vakantie voor mij (net iets vaker uit eten, iets meer dingen doen die ik anders zou laten, iets luxer slapen soms). We hadden een hostel geboekt in La Fortuna en zouden elkaar daar ontmoeten. Ik was er al om 13:00u en zij zouden er pas rond 19-20u zijn, dus ik heb de hele middag op hete kolen gezeten. Om 18:00u ging ik bij de receptie zitten, want ja, je weet het nooit he. En een uur later kwamen ze ineens de hoek om! Joehoeeeehhh! Die avond werd een feestje met heel veel lieve kaartjes en cadeautjes uit Nederland, flink bijkletsen en heel veel lachen. Oh zo fijn om 3 weken met vriendinnen te reizen!

De dames hadden alleen niet echt geluk met het weer, in La Fortuna heeft het de hele tijd geregend. We hebben een korte hike gedaan bij de Arenal vulkaan (de vulkaan op had geen zin want die zat in de wolken) en zijn daarna gaan chillen in natuurlijke hotsprings. Als je uren vliegt om uit een koud en regenachtig Nederland te komen dan wil je natuurlijk wel mooi weer op de plek van bestemming. We hoorden dat het weer aan de Caribischekust (waar we in eerste instantie heen wilden) ook erg slecht was en dus zijn we na La Fortuna naar Manuel Antonio vertrokken. Dit is nationaal park aan de Pacifische kust. Hele mooie stranden, een geweldige zonsondergang en in het nationaal park hebben we onder andere toekans, howler apen en white face apen gespot. Het dorpje zelf was wel erg rustig, en we hadden inmiddels wel zin in een feestje. Daarom zijn we vervolgens naar Puerto Viejo vertrokken; een reggea dorp aan de Carbische kust waar het dus wel regende maar ze wel wisten hoe je een feestje moest bouwen. Het was echt op en top reggea, een hele andere bevolking, de hele dag reggea muziek en wietlucht. Tel daarbij een hippie-hostel op en de ervaring was compleet. In het hostel zaten twee Amerikaanse vrouwen (weet niet wat ze van elkaar zijn), en met allebei een dikke joint in de hand vertelde de ene (ik gok een jaar of 40) dat ze hier al twee maanden was. Ze had haar dochter van 10 ook bij… Die zei dat ze zichverveelde en toen antwoorde de moeder dat ze maar bananen moest gaan plukken met de baas van het hostel. Arm kind. Naast feesten hebben we ook een dag, hoe Hollands, fiesten gehuurd. Ongeveer 10km naar het dorpje verderop gefietst en op de terugweg elk bountystrand onderweg uitgecheckt (maar ben nog maar niet jaloers, want het regende dus).

En toen was het al tijd om naar Panama te gaan! Zo snel als het klinkt dat het ging, zo snel ging het ook. Vanaf Puerto Viejo namen we de bus naar de grens. De oplichters voorbij gelopen (”je moet hier een sticker kopen anders kom je de grens niet over”), de corrupte douanier zijn geld betaald (”het is 15 dollar voor 2 personen” – we zijn met zijn 3en – ”Uh oke, 20 dollar), en bepakt en bezakt een heel gammel bruggetje een rivier overgelopen. We zijn in Panama! Nog even wat stempels halen en toen een dealtje gesloten met een shuttel busje dat ons naar Almirante zou brengen, vanwaar we de boot naar Bocas zouden pakken. We bleven in stijl, een rastafari als chauf en dikke reggea uit de speakers. Dus trokken we ons meegesmokkelde biertje uit Costa Rica (we moesten onze Colones opmaken) maar open.

Met een bootje naar je hostel gebracht worden, dat maakt het vakantiegevoel wel af! En we hadden geluk, want de dag van aankomst was de eerste dag sinds lange tijd dat het weer mooi weer was in Bocas del Toro. We hadden een super chill hostel aan het water, met fijne bedden (een lampje, plankje en stopcontact bij de hand is alles wat een backpackerhartje begeert!) en de beste feestjes van Bocas op woensdag en zaterdag. Die woensdagavond konden we dus letterlijk uit de kroeg ons bed in rollen, heerlijk! (en lang leven de oordopjes en ooglapjes). Op Bocas hebben we maar weer fietsen gehuurd (wij Hollanders zijn zo gek nog niet, fietsen is toch gewoon de beste manier om de omgeving te verkennen!?) om naar een heel mooi groot en afgelegen strand te rijden (een half uur over onverharde weg ging er aan vooraf). De weergoden waren ons toch nog niet goed gezind, want bij aankomst begon het weer te regenen. Maar vanaf Bocas stad hadden we al borden gezien met ´come enjoy our swimming pool´, dus zijn we daar heen gefietst. Eenmaal ons drankje achter de kiezen dachten we dat we wel als ´gasten´ het zwembad in konden (er stond een bordje met ´for guests only´, maar de eigenaresse dacht daar toch anders over. 5 minuten in het water geweest en ze wilde dat we ieder 5 dollar zouden betalen! Vrouwke, je zet toch zelf al 10km lang langs de weg neer dat we mogen komen zwemmen? En als wij een drankje drinken zijn we toch te gast?. Niet van harte maar vooruit, ze gaf ons gelijk (mijnbackpackerhartje ging weer sneller kloppen; 5 dollar ´bespaard´).

Ons hostel was op een ander eiland dan het hoofdeiland in Bocas en had zelf een super mooi bounty strand. Daar hebben we die dag erop dus vertoefd. Inmiddels dus wel redelijk wat stranddagen gehad en dus was het tijd om naar Boquete te vertrekken (yep, dat is dat plaatsje inderdaad…). Een helse rit later zaten we ineens midden in de bergen. Wauw! Ellen en Myrna hebben daar een ochtend geziplined (had ik in Costa Rica al van mijn lijstje kunnen strepen) en die middag wilden we biertjes gaan drinken in het park. Dat feestje ging niet door. De hele drankafdeling van de supermarket was hermetisch afgesloten. Huh?! Het was zaterdag en de volgende dag zouden er verkiezingen zijn, dus had de regering besloten date r dat weekend geen drank verkocht mocht worden. Dat geldde overigens alleen voor Boquete, in de rest van Panama werd gewoon gezopen. Dat was even afkicken dus (ja ik drink echt teveel alcohol hier, ik ben nu twee dagen zonder aan het doen en dat is best in opgave als je altijd in een hostel zit waar iedereen ´s avonds gezellig een biertje met elkaar doet). De dag erop moest Ellen helaas naar Panama Stad om haar vliegtuig te halen. ´s Ochtends heeeeel vroeg afscheid van elkaar genomen (boehhhhh), nog even terug in bed en toen wilden Myrna en ik een hike gaan doen. Alle tours vanuit het hostel gingen niet door, maar NO WAY dat wij met zijn tweeen gingen wandelen in Boquete! De man van het hostel bleef er maar op hameren dat dat écht wel kon, er was een park met watervallen en dat was écht veilig, en wij bleven maar zeggen NEE we gaan niet met zijn tweeen! En groepje mensen van wie de koffietour niet doorging ving dit op en uiteindelijk zijn we met zijn 6en naar de watervallen gegaan. Een hele mooie wandeling door de bossen en de jungle naar drie grote watervallen.

Voor de kerstdagen hadden we een surfkamp geboekt in Santa Catalina en daar vertrokken we die dag erop heen. Weer een compleet andere wereld; een surfdorpje aan de Pacifische kust van Panama. We wisten al dat er geen pinautomaat zou zijn, maar dat het zó klein zou zijn hadden we toch niet verwacht. Ons hutje stond op een prachtige plek aan het strand, waar we ook de surflessen hadden. Bed uit rollen, zonsopkomst bewonderen, surfboard pakken en naar het strand wandelen. Heerlijk! Het was echt een paradijsje en de ´´ranch´´ waar we verbleven voelde na een paar dagen wel een beetje als familie. Op kerstavond had onze surfleraar twee grote vissen gevangen en hadden we afgesproken dat iedereen die mee zou eten iets zou maken voor het kerstdiner. We waren met een stuk of 10 man en zo zat de kerstsfeer er dus toch nog in. Op eerste kerstdag hebben Myrna, Lolly, Greg (Amerikaanse jongen) en ik de kladjes van het diner ingepakt en zijn we op een klif de zonsondergang gaan bekijken met het diner en wat biertjes.

De surflessen gingen goed, de eerste dag was onze leraar net zo gefrustreerd als ons over hoe het ging maar op dag driekonden we allebei goed gaan staan en een eindje surfen. Joehoeeeh!

Vanuit Santa Catalina vertrokken we samen met Lolly naar Panama stad. Myrna had nog twee dagen dus in die dagen hebben we zoveel mogelijk proberen te doen; de oude stad bekijken, naar de 62e verdieping van het Hard Rock hotel voor het uitzicht, naar het Panama-kanaal, fietsen gehuurd (uiteraard), goed gefeest en de laatste avond met zijn tweeen heerlijk wezen uit eten. Begonnen ze net die avond, toen wij op een super mooi pleintje in de oude stad van ons laatste diner zaten te genieten, superveel vuurwerk af te steken, alvast voor het nieuwe jaar. Alsof het zo had moeten zijn!

Inmiddels is Myrna dus ook naar huis. Het is echt weer even wennen om ´alleen´ te zijn (ik ben nog wel met Lolly), en de tijd met hun is echt voorbij gevlogen. Deze week ben ik nog in Panama stad. Vanuit hier vertrek ik zaterdag voor deel 2 (of 3, net hoe je het bekijkt) van mijn reis: Zuid-Amerika. Aanstaande zaterdag stap ik namelijk op een catamaran die mij in vijf dagen via de San Blas eilanden naar Cartagena, Colombia gaat brengen. Het voelt echt als een nieuw deel van de reis en ik ben ook best wel weer ee nbeetje zenuwachtig, maar als ik terugkijk op de afgelopen vier maanden is dat totaal nergens voor nodig en heb ik er vooral ook heel veel zin in! Zuid-Amerika is tenslotte waar het ooit allemaal mee begonnen is (Machu Pichhu, here I come!)

 

Mijn locatie .

Van surfspot naar bergdorp

Omdat ik even geen mogelijkheden heb gehad om jullie op de hoogte te houden, nu een reisverhaal van 2 weken terug;

In San Juan del Sur heb ik in 6 dagen tijd welgeteld één foto gemaakt; van de zonsondergang. Toch 6 dagen daar geweest want er was zon, strand, feest, lekker eten en goed gezelschap. Na Antigua eigenlijk de eerste keer dat ik weer echt goed op stap ben geweest. Na San Juan moest ik helaas afscheid nemen van Lorraine. Ik heb haar in de bus naar Nicaragua ontmoet en daarna drie weken met haar samen gereisd. Zij gaat nu vrijwilligerswerk doen in Nicaragua maar gaat daarna ook naar Zuid-Amerika, dus wie weet kunnen we daar weer samen verder reizen!

Ik ben vanuit San Juan del Sur naar Costa Rica gegaan, Monteverde om precies te zijn. Met mijn billen nog verbrand van de stranddagen sliep ik vrijdagnacht ineens onder drie dekens omdat het zo ijskoud was, en in plaats van het geluid van 5 ventilatoren in de kamer gierde hier de wind om het gebouw. De eerste nacht werd ik daar een beetje chagrijnig van, maar eigenlijk heeft het wel wat. Het is echt een bergdorpje met veel bossen en houten chalets, en met de kerst in het vooruitzicht ziet het er hier helemaal schattig uit. De toeristische trekpleister hier is het cloudforest en de avontuurlijke activiteiten die daarbij horen. Na die eerste koude nacht had ik niet echt zin in een boswandeling en dus koos ik voor iets spannenders: ziplinen. Oftewel zoevend aan een kabel door het cloudforest. Een beetje een uitdaging als je hoogtevrees hebt maar ik dacht ach hoe hoog kunnen die bomen nou eenmaal zijn?! Hoog dus… En de bomen waren nog niet het hoogste, in plaats van dóór het bos gingen we van berg naar berg op 140 meter hoogte! Niet naar beneden kijken, je zit goed vast, niet naar beneden kijken, je zit goed vast. En voor ik het wist had ik weer vaste grond onder mijn voeten. Dat was eigenlijk best vet! De tweede hoge zipline dacht ik alleen “je zit goed vast” en genoot ik van het uitzicht. Na de derde, 1km lang was ik er haast van overtuigd dat ik over mijn hoogtevrees heen was. Hoe fijn zou dat zijn! We stonden weer op een platform in de bomen en ik was me klaar aan het maken om weer aan de kabel te gaan hangen toen de guide zei “no, jump!”. Wat?! Ik keek naar beneden en kon amper de grond zien! De hoogtevrees keerde weer in vol ornaat terug. Maar er was geen weg terug (of iedereen moest mee terug) dus met tranen in mijn ogen liet ik me vastmaken aan een touw om daarna over de rand te stappen. “We zullen je heel rustig laten zakken”. Alsjeblieft niet, ik wil zo snel mogelijk beneden zijn! Zoeffffff. Die boom was wel 30m hoog! Maar dus wel een hele gave dag gehad en toch zeker een stukje hoogtevrees overwonnen.

Maar als je in een koud bergdorpje bent om een cloudforest te zien ga je er natuurlijk niet alleen doorheen zoeven. De volgende dag dus toch aan de wandel met een paar andere mensen uit mijn hostel. 18 dollar entree betaald en vrijwel niks gezien dan bomen en een waterval. Net buiten het park een wasbeer en heel veel mooie kolibries! Eenmaal terug bij het hostel zat er een luiaard in een boom.



Mijn locatie .