Bolivia: Isla del Sol, La Paz en de amazone

Na Peru doorgereisd naar Bolivia. Bij de grens kom je er meteen achter wat voor een land het is. We waren met 2 Europeanen, 2 Argentijnen en 4 Amerikanen. De Europeanen en Argentijnen kregen zonder problemen hun stempel (enige minpuntje was dat ik niet de gevraagde 90 dagen kreeg en nog ergens een verlening van mijn 30 dagen visum moet regelen), de Amerikanen kregen gezeik. Eerst wilde de douane dat ze twee paspoortfoto’s inleverden. Die moesten ze in Peru laten maken. Dus: taxi terug naar Peru, Bolivianos weer teruggewisseld voor Soles, pasfoto’s laten maken en weer de grens over. Één meisje sprak goed Spaans en zij kreeg haar stempel. De andere drie moesten een kopie van hun paspoort laten maken. Dat kon gelukkig bij het grenskantoor, dus kopie gemaakt, terug de rij en en toen kreeg het andere meisje ook haar stempels. De twee jongens echter kregen een formulier wat ze in moesten vullen. Ingevuld, terug de rij in, zegt de douane “nee dit formulier geldt niet, dit is een kopie” (ze hadden het zelf gegeven). De ene Amerikaan luisterde netjes, vulde het officiële formulier in en kreeg zijn stempel, de andere zei er wat van dat het nergens op sloeg met als gevolg dat hij weer terug de rij in moest om zijn gelekoortscertificaat te laten zien. En toen wéér terug kon om een Ebola verklaring in te vullen… Zo’n 1,5u later hadden we dan allemaal de benodigde stempel en konden we door naar Copacabana.

Bolivia is tot nu toe niet echt soloreiziger-vriendelijk. Alle slaapplekken zijn private rooms en zo kwam het dus dat ik die avond een bed deelde met een Zwitsers meisje wat ik diezelfde dag in de bus had leren kennen. Wel een heerlijk plekje na veel steden in Peru. Een klein dorpje aan het Titicacameer. Die middag gepicknickt op het strand en ‘s avonds de heuvel beklommen voor de zonsondergang. Goed leven! De volgende ochtend samen met de Argentijnse jongens de boot gepakt naar Isla del Sol. Dit is een vrij klein eiland in het Titicacameer. Het Titicacameer is trouwens het hoogste bevaarbare meer ter wereld, dus die kan ik ook weer afstrepen! Isla del Sol is heeeeeel rustig, er zijn geen motorvoertuigen. We hadden een heerlijke kamer met uitzicht op het meer en de besneeuwde bergtoppen. Na het inchecken gingen we het eiland verkennen. We hadden bedacht dat we dan mooi aan de andere kant van het eiland konden lunchen. Niet zo’n heel goed idee want het was 3u lopen en vrij bergachtig. Het laatste uur konden we alleen aan eten denken. Alle restaurantjes hebben een heel menu maar zodra je gaat zitten vertellen ze je dat ze ofwel trucha (forel) ofwel kip hebben. Dit is ook zo in Copacabana, erg gevarieerd eten dus. Nou goed, de noordkant van het eiland dus bereikt, een goede lunch gehad en toen nog 2u teruglopen. Het is echt supermooi en rustig daar dus al dat lopen was geen straf. Die avond biertjes gedronken en slappe verhalen verteld op de kamer, net schoolkamp. De meiden gingen de volgende ochtend terug naar het vaste land en de Argentijnen en ik hadden het perfecte chilldagje. Boekje gelezen op ons terras in de zon en aan het eind van de middag met thee en koekjes naar een verlaten strand gewandeld voor de zonsondergang. Op de terugweg bleek er een restaurantje te zijn waar ze de pizza die op het menu stond ook daadwerkelijk serveerden. Hij moest denk ik nog van het vasteland gehaald worden want het duurde 2u voor hij er was, maar met bier en kaarten is wachten niet zo erg. Ik vond het wel relaxed dat eilandleven, weinig keuzes, niks moet alles mag en weinig kan.

Een heel contrast met La Paz, waar we de volgende dag heen reisden. Ik was blij dat ik met twee jongens was die vloeiend Spaans spraken en zich ook nog eens om mij bekommerden (La Paz dat is nog erger dan het ergste ghetto in Buenos Aires, daar ga je niet alleen heen!). We keken alledrie met open mond uit het busraampje toen we de stad binnenreden: het leek inderdaad één grote ghetto. Óveral verkeer, markten met vanalles en nog wat op straat (lama-foetussen…), een gore rivier waar je bloed en uitwerpselen in zag lopen, alleen maar krottenhuisjes. Ik wilde eigenlijk alleen maar weg daar, maar had met Lolly afgesproken om over drie dagen te meeten om samen verder te reizen. De jongens gingen naar een hotel omdat het het laatste weekend van hun vakantie was en ik naar een hostel. De volgende dag zouden we samen de stad gaan verkennen. Ik heb die avond in het hostel gegeten en ben vroeg naar bed gegaan, moest er niet aan denken om de straat op te gaan.

Het eerste wat ik de volgende dag tegen de jongens zei was ‘ik wil hier weg!’, maar zij waren er de avond ervoor met hun hoteleigenaar op uit geweest en begonnen de leuke dingen van de stad in te zien. En dus namen ze mij mee naar leuke marktjes, eettentjes, pleinen. Aan het einde van de dag nog de dubbeldekkertoeristenbus gedaan en heerlijk Mexicaans gegeten en toen kon ik ook de leuke dingen van La Paz zien. Één van de bijzondere uitjes in La Paz is het vrouwenworstelen (Cholitas wrestling), waar ik zondag heen ben geweest. Heel nep allemaal en super toeristisch, maar ik kon er wel om lachen en het was gewoon bizar om vrouwen in Boliviaanse klederdracht te zien worstelen. Maandag vlogen de Argentijnen terug en kwamen Lolly en Nando (vriend uit Ecuador) aan. Ook zij waren in shock dus heb ik hun op mijn beurt de leuke dingen van de stad laten zien.  Wat je ook niet kan missen als je in Bolivia bent is de Death Road. Met een mountainbike 3650m downhill van “de meest dodelijke weg ter wereld”. Ik was er eigenlijk nog niet zo van overtuigd of ik dat niet wilde missen, ben er inmiddels achter dat ik ook niet zo’n snelheidsfreak ben. In combinatie met hoogtevrees leek Death Road me dus niet zo’n geweldig idee. Eenmaal in La Paz hoor je ook allemaal verhalen van toeristen die bijna in het ravijn lagen en benen breken etc. De enige reden waarom ik het wél ging doen was omdat ik achteraf geen spijt wilde hebben dat ik het niet gedaan had (ik herinner me nog een bungeejump in Zuid-Afrika…). Daar stond ik dus op een ochtend op een ijskoude hoge berg. Bescherming aan, overall aan, helm op. Het eerste deel is super leuk, over asfalt toch vrij stijl naar beneden. Maar dat is het oefen gedeelte. Vanaf daar zagen we een slingeren zandweggetje stijl naar beneden lopen, en dat was dus de echte death road. Ik zal er niet omheen draaien, ik was een grote schijterd en de sloomste van de groep. Heb zo’n idee dat die twee auto-ongelukken van vorig jaar daar ook nog hun aandeel in hebben. Maargoed, ik kan in ieder geval zeggen dat ik de death road overleefd heb! Verder heb ik vooral heeeeel veel souvenirs geshopt, voordat we donderdags naar de amazone vlogen!

Ik had heel veel zin om naar de amazone te gaan want had al vanaf Colombia de kans (en daarna in elk land) maar prijstechnisch tot Bolivia gewacht. Om 6.20 vertrok onze vlucht naar Rurrenabaque, een klein stadje in de Boliviaanse amazone. Bij het inchecken waren we verbaasd dat we stoel 2A en 2C kregen en niet twee stoelen naast elkaar. Bij het instappen bleek waarom: het vliegtuig was zo klein dat het stoel-gangpad-stoel was. Ik denk dat we met zo’n 20 personen in het vliegtuigje zaten en vanaf onze stoelen bijna vooraan konden we alles in de cockpit zien. Nu al een avontuur! 40 minuten later stonden we in de benauwde amazone, een heel verschil met het koude grauwe La Paz. Vanaf Rurre was het nog 3 uur rijden naar Santa Rosa, waar onze boot zou vertrekken. Dat was 3 uur over een zandweg en toen het halverwege begon te regenen werd het helemaal avontuurlijk. Het kwam met bakken uit de lucht (wat wil je als je in het regenseizoen naar het regenwoud gaat) en toen we eenmaal in ons open bootje zaten was daar nog niks aan veranderd. Ook de boottocht naar de lodge duurde 2 uur en dus kwamen we totaal doorweekt daar aan. Snel dus droge kleren aangetrokken en toen werden we naar buiten geroepen, want er zat een zwarte kaaiman onder ons hutje (het waren hutjes op palen in het water)! Damn, die beesten zijn groot! Na het avondeten gingen we ons bootje weer in om op zoek te gaan naar de roodoplichtende ogen van de krokodillen in het donker.

De volgende dag hadden we meer geluk qua weer want het was droog, erg fijn als je de hele dag op een open bootje op het water zit. ‘S Morgens gingen we naar een eilandje waar veel anaconda’s zitten en op de weg daarheen zagen we paradijsvogels, papegaaien, tucans, roze dolfijnen, schildpadden, apen en nog tientallen exotische vogels. Op het anaconda-eiland alleen maar kleine slangen gevonden maar daar was ik eigenlijk wel blij mee! In de middag stond piranha vissen op het programma. Alle visskills die ik vroeger van ome Piet heb geleerd mochten niet baten want ik had niks gevangen, ik tegenstelling tot Lolly die er 5 had gevangen. Gelukkig toch het avondeten op tafel gekregen dus ;).

De laatste dag van de trip stonden we vroeg op voor de zonsopkomst. In het regenseizoen komt dit echter neer op half in de bosjes zitten wachten tot het licht wordt terwijl je volledig lek geprikt wordt door de muggen (niemand heeft de trip met minimaal 50 muggenbulten verlaten en het gemiddelde ligt meer richting de 150). Het ochtendprogramma was zwemmen met de roze dolfijnen (zijn zoetwaterdolfijnen en ze zijn écht roze), wat meer in de buurt kwam van zwemmen in hetzelfde water als de dolfijnen (en piranha’s en krokodillen). Maar wel weer veel dolfijnen gezien wat uiteraard super mooi was! We hadden op een gegeven moment bedacht dat dolfijnen reageren op hoge tonen en dus stonden we met de hele boot gouwe ouwe nummers mee te blèren. Het leek nog te helpen ook! Na de lunch gingen we weer terug naar Santa Rosa. Het was echter verkiezingsdag in Bolivia en ook dat zorgde weer voor een mooi avontuurtje. Ten eerste mocht niemand iets doen tot half 6 ‘s avonds. Niemand mag werken dus alles is gesloten en er rijden geen taxi’s. Dus onze taxi mocht pas na half 6 uit het dorpje vertrekken om ons op te komen halen. Na de hele middag te hebben gekaart in het gras in het zonnetje werden we rond 6u dus opgehaald. Om even later toen we in het dorpje aankwamen weer te moeten stoppen. Om de een of andere reden mocht niemand verder rijden en dus stonden we vast in een minidorpje in de amazone. Een paar kids waren aan het voetballen en daar hebben we ons toen maar bij aangesloten. Toen we eenmaal verder konden rijden ging de zon onder, en de combinatie met een tropisch muziekje op een ellenlange zandweg gaf mij weer echt een avontuur gevoel. Kijk mij nou, op de zondagavond!

Die avond sliepen we in Rurre en de volgende ochtend vlogen we terug naar La Paz. Erg jammer, ik vond het super gaaf in de amazone en had gerust nog langer willen blijven. In La Paz nog de bekende kabelbaan omhoog genomen voor het uitzicht en mezelf getrakteerd op bitterballen en stroopwafels bij een Nederlands restaurant. ‘S avonds de nachtbus naar Potosí gepakt, waar we nu zijn. Ik kom net terug van het ziekenhuis want arme Lolly heeft een flinke salmonella infectie opgelopen. Verder zijn hier al allemaal festiviteiten aan de gang voor Pasen. Als Lolly op tijd beter is gaan we deze week nog naar Sucre en maandag begin ik met mijn vrijwilligerswerk in Oruro! Heel veel zin om een andere kant van Bolivia te gaan zien en hopelijk kan ik iets betekenen voor de organisatie. Dat is trouwens Ayni, voor de geïnteresseerden: www.ayni.nl



Mijn locatie Potosi, Potosi Department, Bolivia.

7 gedachten over “Bolivia: Isla del Sol, La Paz en de amazone

  1. Myrna

    Jaaaa, yolo-gehalte heb je goed hoog zitten;)!! Zou ik doen, want nog eventjes en we hebben je weer lekker hier thuis!!
    Succes met je werk!

  2. Monique

    Kimmie!

    Weer n mooi verhaal. Pff die death road, toe maar! Toch maar weer mooi gedaan, foto’s zien er gaaf uit zeg, wat n uitzicht weer! brr en kaaimannen, n flinke ook zeg!
    En dat vliegtuig haha, die was echt klein!
    Hopelijk gaat t met Lolly weer n stuk beter?
    x

  3. Elli

    Hey Kim
    Wat een super verhaal weer en wat een belevenissen. De uitgebreide ‘no hay’ menukaarten, de magische foetussen en karkassen. En een jaloersmakende death road (stoer hoor!). Ben heel benieuwd natuurlijk naar je ervaringen bij Ayni.

  4. Fam. Hulsen

    Nou Kim jij trotseert echt alles, super!
    Succes met je vrijwilligerswerk en geniet van Pasen daar.

    Groetjes!!!!

  5. Evelien

    Lieve Kim, wat toch telkens weer tof te lezen wat je allemaal doet. You are so brave en je plukt zo de dag! Geweldig! Ben benieuwd naar je ervaringen bij het werk wat je nu gaat doen. Zal zo de site bekijken… Mirko en ik gaan dit weekend wandelen in Midden Duitsland, voor mij eerst even weer spannend genoeg ;-). Abrazo fuerte, Evelien

    1. tante jeanne

      Ha Kim, wat een mooi verhaal weer en wat een geweldige belevenissen maak je mee, knap hoor!
      De foto’s zeggen alles, erg mooi!
      Ik hoorde van oma dat jullie geskypt hadden en wat ze vertelde ben je weer helemaal op de hoogte van alles in de fam. en
      nijnsel haha!
      Geniet nog van je reis kim, en tot de volgende keer!
      Doeidoei

      1. ome martien en tante marion

        Hoi Kim ook al heb ik je gesproken op skype, hebben we weer genoten van je verhaal, geweldig, veel plezier nog, en succes met je vrijwilligerswerk.
        groetjes ome Martien en tante Marion.

Reacties plaatsen niet mogelijk.